Tussen twee werelden: thuiskomen na een nomadisch leven
Sinds een paar maanden voel ik me leeg. Niet per se verdrietig of depressief, maar leeg op een manier die lastig uit te leggen is. Alsof er ruimte is ontstaan waar eerst voortdurend beweging zat. Ik weet niet of het het koude weer is, de grauwe lucht van een Nederlandse winter, of simpelweg het feit dat ik het niet gewend ben om zo weinig “aan” te staan.
Het grootste deel van mijn leven ben ik een bezige bij geweest. Eerst als studiebol, daarna als workaholic, zelfstandig ondernemer en iemand die altijd als probleemoplosser voor anderen klaarstond, terwijl ik zelf tot aan mijn nek in de stront stond met alles wat ik in mijn eigen leven meemaakte. Sinds mijn kindertijd was ik altijd bezig met projecten, ideeën, verantwoordelijkheden en zelfontwikkeling. Ook tijdens de vijf jaar die ik in India reisde en woonde zat ik zelden stil. Ik studeerde, werkte online, volgde opleidingen, beoefende intensieve sadhana, reisde van plek naar plek en bouwde aan mezelf.
Nu is dat anders.
Sinds ik terug ben in Nederland heb ik, stap voor stap, weer een basis opgebouwd. Voor het eerst in mijn leven heb ik een woning die echt als thuis voelt. Mijn spullen staan op één plek. Er is een keuken waar ik elke dag kook, een bed dat niet elke paar weken of maanden verandert, en een routine die langzaam vorm heeft gekregen. In veel opzichten is dat precies waar ik tijdens mijn nomadische jaren soms naar verlangde. En eigenlijk ook al in de 28 jaar dat ik eerder in Nederland woonde. In die periode ben ik zeker 11 keer verhuisd en had ik nooit echt een thuisgevoel ervaren.
En toch merk ik dat er momenten zijn waarop ik me een beetje verloren voel.
Misschien komt het doordat mijn leven hier anders loopt dan dat van de meeste mensen om me heen. Veel van mijn leeftijdsgenoten werken fulltime, bouwen een carrière op en hebben een druk gezinsleven. Agenda’s zitten weken, soms maanden, van tevoren vol. Avonden zijn gereserveerd voor de sportschool, familie of kinderen. Het is een ritme waar ik zelf niet meer vanzelfsprekend in pas. Soms voelt het een beetje alsof ik vervroegd met pensioen ben. Dat is op zich ook geen vreemde gedachte als ik me bedenk dat ik van werkweken van 70 tot 90 uur naar 24 uur ben gegaan.
Er zijn wel mensen met wie ik kan afspreken, en daar ben ik ook dankbaar voor. Tegelijkertijd merk ik dat het niet altijd helemaal klikt. Soms voelt het alsof we elkaar op een ander punt in het leven ontmoeten. Mannelijke vrienden en kennissen gedragen zich steeds galanter, op een manier die me benauwt en me soms doet twijfelen over hun definitie van vriendschap. Vriendinnen hebben vaak een partner en gezin waar hun aandacht logischerwijs naartoe gaat. Dat begrijp ik, echt. Maar het laat me soms wel een beetje tussen werelden in voelen.
Een ander verschil is misschien wel hoe mijn dagen eruitzien. Ik heb geen volle agenda en ook geen lange lijst met hobby’s. Dat klinkt misschien vreemd, maar na jaren waarin mijn leven bestond uit reizen, studeren, retraites, sadhana en bijzondere ervaringen, voelt het “gewone leven” soms verrassend… stil. Het is niet zo dat ik me verveel of niet weet wat ik moet doen. Ik heb op zich genoeg om handen met het werk dat ik doe en met het feit dat ik drie keer per dag warm eet en het huishouden dat daarbij komt kijken. Maar soms verlang ik gewoon naar een ander soort activiteit. Iets wat mijn aandacht op een andere manier prikkelt.
Waar in India talloze activiteiten beschikbaar zijn om jezelf bezig te houden, vind ik het in Nederland toch wel lastig om een vrijetijdsactiviteit te vinden. Ik heb inmiddels bijna alle films gekeken die me enigszins interessant leken, en van de series die ik volgde verschijnen voorlopig geen nieuwe afleveringen. Gelukkig heb ik mijn bibliotheek nog, en lezen blijft iets waar ik steeds weer naar terug kan keren. Tegelijkertijd zie ik mezelf ook niet de hele dag met een boek op de bank zitten. Hoewel sommigen dit “probleem” misschien als “luxe” of “comfort” bestempelen, verlang ik soms echt naar afwisseling en uitdaging in mijn leven.
Dus hoe zien mijn dagen er dan uit?
Eigenlijk vrij eenvoudig.
Ik begin mijn ochtend met een Reiki-zelfbehandeling. Daarna kook ik ontbijt en start ik rustig mijn dag. Ik kook drie keer per dag, doe het huishouden, werk zes halve dagen per week en doe vrijwilligerswerk op een lokale biologische markt. Soms help ik ook bij de verpakkingsvrije winkel in de buurt. Het is geen spectaculair leven. Geen Himalaya’s, geen gletsjers, geen nachten onder een sterrenhemel in de bergen. Geen lange motorritten door onbekende regio’s of onverwachte avonturen die zich onderweg aandienen. Maar misschien is dat precies waar ik nu aan moet wennen.
Na jaren van beweging, intensiteit en voortdurende verandering is er nu iets anders ontstaan: rust. En rust blijkt soms lastiger te ontvangen dan avontuur. Want waar avontuur je constant prikkelt en richting geeft, legt rust juist bloot wat er overblijft wanneer er niets meer is om naartoe te rennen. Misschien is dit ook een overgangsfase. Een periode waarin mijn leven opnieuw vorm krijgt, maar nog niet helemaal duidelijk is hoe. Tussen het leven dat ik heb geleefd en het leven dat hier in Nederland langzaam aan het ontstaan is. Ik probeer dat proces niet te forceren.
Want als mijn jaren in India me iets hebben geleerd, dan is het dat niet alles meteen duidelijk hoeft te zijn. Sommige fasen in het leven zijn geen bestemming, maar een brug. Een stille tussenruimte waarin oude structuren verdwijnen en nieuwe nog niet helemaal zichtbaar zijn. Misschien is dit zo’n brug. Een stille periode waarin er niets spectaculairs gebeurt, maar het leven vraagt om vertragen, integreren en opnieuw leren luisteren naar wat er van binnen beweegt. Alleen het gewone leven, dag na dag. Dat voelt soms ongemakkelijk na jaren waarin alles intens, uitdagend of bijzonder was.
Jarenlang leefde ik in beweging, tussen landen, bergen, retraites, studies, werk en verantwoordelijkheden. Nu lijkt het leven me uit te nodigen om te ontdekken wat er gebeurt wanneer er even niets te bereiken valt. Misschien hoort ook dit bij het pad dat ik gekozen heb. Niet alleen de vrijheid van reizen en avontuur, maar ook de stilte die daarna komt. Misschien is dit geen leegte die gevuld moet worden, maar een ruimte waarin ik langzaam opnieuw ontdek hoe mijn leven hier vorm wil krijgen. Een fase waarin ik simpelweg leer aanwezig te zijn in het leven dat er nu is.
Misschien is leegte niet het ontbreken van richting, maar simpelweg ruimte. Ruimte waarin iets nieuws kan ontstaan, ook al weet ik nog niet wat dat precies zal zijn.



