Als vrouw op het spirituele pad (deel 2)
Spiritualiteit zou voorbij gender moeten gaan. Voorbij ego, voorbij identiteit. In theorie klopt dat. En die waarheid heb ik altijd gevoeld. Maar in de praktijk blijkt het pad niet voor iedereen hetzelfde te zijn.
Als vrouw op dit pad kom je niet alleen obstakels tegen in de vorm van uitsluiting of gebrek aan toegang. Dat zijn slechts de eerste muren waar je tegenaan loopt. Zelfs wanneer je wordt toegelaten om mee te doen, te leren en praktiseren, verdwijnen de verschillen niet. Ze veranderen alleen van vorm. Wat dan ontstaat, is subtieler. Een spanning die je niet altijd meteen herkent. Een alertheid die zich langzaam in je lichaam en geest nestelt. Veel vrouwen krijgen hier vroeg of laat mee te maken. Grensoverschrijdend gedrag. Seksuele intimidatie. Machtsspelletjes die zich verschuilen achter rituelen, spirituele titels en woorden als “mandir”, “ashram”, “guru” of “begeleiding”.
Ook ik heb dit meerdere keren meegemaakt. In Nederland en later in India. In de mandir, tijdens retraites, yogaopleidingen en in ashrams. Soms subtiel: een hand die te lang bleef liggen, opmerkingen over mijn uiterlijk, suggesties dat mijn aanwezigheid “meer” kon betekenen als ik me op een bepaalde manier zou gedragen. Soms openlijk: ongepaste voorstellen, een leraar die ’s nachts mijn kamer binnenkwam (de kamers hadden geen slot), liefdesmails, seksuele insinuaties of zelfs het vastgehouden worden in een kamer totdat ik zou “toegeven dat ik hetzelfde voor hem voel”.
Wat me misschien nog het meest raakte, was hoe snel het mijn probleem werd. Andere vrouwen hadden het ook meegemaakt, maar bleven stil. En wanneer ik het benoemde of mijn verhaal deed bij bestuursleden of andere mensen in de mandir of ashram, werd de situatie omgedraaid. Mijn intenties werden in twijfel getrokken. Mijn woorden verdraaid. Ik werd weggezet als lastig, gevoelig, verward, of zelfs psychisch instabiel. Met een mandir- of ashramverbod als gevolg. En hij bleef wie hij was: de gerespecteerde pandit, de toegewijde leraar, de voorbeeldige acharya. Met steun. Met aanzien. Met een gemeenschap achter zich. Een gemeenschap waarin alles wat ik ooit in vertrouwen had gedeeld, tegen me kon worden gebruikt.
Dit is niet alleen onveilig; het verandert hoe je in het leven staat. Het doet iets met je vertrouwen. Niet alleen in anderen, maar ook in jezelf. Ik merkte hoe ik op elk gebied van mijn leven mijn waarneming begon te bevragen. Mijn intuïtie. Overdrijf ik? Zie ik dingen verkeerd? Ben ik te gevoelig? Ik voelde een constante spanning en werd langzaam voorzichtiger. Ik woog mijn woorden. Paste mijn houding aan. Maakte mezelf kleiner dan nodig. Niet omdat iemand dat vroeg, maar omdat ik had geleerd dat dat veiliger voelde. Ik had ervaren hoe toewijding en spontaniteit soms anders werden gezien. Hoe nabijheid verwachtingen kon oproepen. Dat besef werd een soort alert. Tegelijkertijd bleef er iets overeind: een stil weten dat ik niet degene was die fout zat, en dat ik zachter en liever voor mezelf mocht zijn. Toch durfde ik daar destijds niet aan toe te geven.
Ik kan en wil niet alles delen wat ik heb meegemaakt. Het is te persoonlijk, en ik wil niet dat de personen om wie het gaat zich herkennen en me opnieuw gaan lastigvallen. Wat ik wel kan zeggen, is dat dit diepe sporen achterlaat. In mijn gebeden en hulpgesprekken werd het standaard mijn vraag: Hoe blijf je bij jezelf? Hoe blijf je trouw aan je pad, terwijl er voortdurend iemand is die je probeert te intimideren, klein te maken, te manipuleren of misbruik van je te maken? Het tast je vertrouwen aan. Niet alleen in anderen, maar ook in je eigen oordeel. In je vermogen om de juiste keuzes te maken. Het maakt je bang om volledig open te zijn, bang om te falen, bang om te zeggen wat je voelt. En dat terwijl eerlijkheid, openheid en kwetsbaarheid juist zijn wat een spiritueel pad vraagt.
Soms voelde ik me zo alleen dat ik dacht dat ik het nooit zou volhouden. De bedreigingen, de schaamte, de angst om niet serieus genomen te worden; het leek alles te overschaduwen wat ik probeerde te leren. Paniekaanvallen, slapeloze nachten, momenten dat ik letterlijk dacht: hoe kan ik dit pad volhouden als de omgeving me constant klein maakt, als ik constant op mijn hoede moet zijn, en moet vrezen voor mijn eigen veiligheid?
En toch bleef ik doorgaan. Niet omdat ik zo sterk was, maar omdat mijn verlangen naar kennis, diepe beoefening en mezelf weer “heel” voelen sterker was dan mijn angst. Ik leerde grenzen stellen. Soms te laat. Soms onhandig. Soms precies op tijd. Niet alleen fysiek, maar ook emotioneel en spiritueel. Ik leerde hoe ik me kon beschermen, hoe ik situaties kon ontwijken of vermijden, en hoe ik toch ruimte kon vinden om te leren. Al lukte dat niet altijd. Ik heb weleens bij een opleiding voor het examen moeten weggaan, omdat mijn veiligheid belangrijker was dan een certificaat.
Het pijnlijkste was misschien wel toen ik eindelijk een leraar in India had gevonden bij wie ik diepe, verfijnde yogische beoefeningen kon leren, en na vele weken intensieve studie erachter kwam dat hij zich eerder schuldig had gemaakt aan verkrachting. Een man die werd geëerd. Die diepgaande kennis had van Yoga, Vedanta en de toepassing ervan in het dagelijks leven. Verfijnde yogische technieken die ik nergens anders kon vinden. Door wiens woorden de vedische geschriften eindelijk op hun plek vielen. De schok zat niet alleen in wat hij had gedaan, maar ook in het besef dat hij het had gedaan, en hoeveel mensen het wisten. En hoe normaal het werd gevonden dat dit los kon staan van zijn spirituele status en alles wat hij onderwees.
Dit zijn geen incidenten. Het is een patroon. Namen als Swami Rama, Swami Vishnudevananda, Bikram Choudhury, Yogi Bhajan, Pattabhi Jois, Osho, Swami Satchidananda en Swami Muktananda laten zien hoe lang misbruik kan voortbestaan binnen spirituele structuren. Hoe loyaliteit aan de leer, persoon, mandir of ashram zwaarder weegt dan de veiligheid van vrouwen. Hoe twijfel wordt weggezet als ego of maya, en overgave wordt verward met gehoorzaamheid. Hoe meldingen van grensoverschrijdend gedrag en manipulatie worden genegeerd of weggezet als misverstanden, illusies of wraakacties.
Het raakt me niet alleen wat er gebeurde, maar ook hoe lang het kon doorgaan. Omdat vrouwen leerden hun intuïtie te wantrouwen. Omdat ze werden bedreigd of tot stilte werden gedwongen in naam van het “hogere”. En omdat ze vaak niet serieus werden genomen. “Je hebt je vast vergist,” is vaak de reactie. Of: “Hoe kun je zo over je leraar denken?! Hij heeft zoveel voor je gedaan.” Pas wanneer de dader echt uit beeld was en ze zich veilig konden voelen, durfden ze hun verhaal naar buiten te brengen. Ver buiten het bereik van de ashram. En ook dan loopt een vrouw nog het risico op smaad, laster en bedreigingen vanuit volgelingen die willen dat het de doofpot in gaat. Helaas kijken veel mensen anno 2026 nog steeds liever weg dan je te helpen.
Als vrouw op dit pad leer je daarom iets essentieels: wakker blijven. Niet cynisch, maar helder. Je leert dat toewijding niet betekent dat je jezelf kleiner maakt of je gevoel negeert. Dat respect niet betekent dat je je grenzen inlevert. Dat echte spiritualiteit nooit vraagt om zelfverloochening. En ja, dat maakt het pad soms eenzaam. Je past niet altijd in bestaande structuren. Je stelt vragen waar stilte wordt verwacht. Je kiest soms weg te gaan waar blijven eenvoudiger lijkt. En je loopt weg waar vrouwen niet veilig kunnen zijn. Ook als dit betekent dat je een zeer zeldzame bron van praktische kennis en diepe yogische beoefening moet loslaten.
Ik deel dit niet om aan te klagen, maar om te benoemen. Omdat het bestaat. Omdat spiritualiteit niet alleen verlichting en verlossing is, maar ook het omgaan met menselijke schaduwen, machtsmisbruik en kwetsbaarheid. Omdat het pad voor vrouwen nog steeds niet gelijk is. En omdat benoemen geen aanval is, maar een vorm van alertheid. Het spirituele pad is niet alleen een zoektocht naar kennis of verdieping. Het is ook een zoektocht naar veiligheid, respect en het recht om volledig aanwezig te zijn, precies zoals je bent. Of je nu man bent of vrouw. Dat recht wordt niet altijd vanzelf gegeven. Soms moet het worden bewaakt. Soms moet het worden heroverd.
Als vrouw heb ik vele obstakels moeten overwinnen om mijn hoofd boven water te houden, op dit pad te blijven en me te blijven verdiepen. Toch zou ik dit pad voor geen goud willen ruilen. Juist omdat het me heeft geleerd geen enkele leraar boven mijn eigen innerlijke waarheid te plaatsen. Omdat het mijn onderscheidingsvermogen heeft aangescherpt. Omdat het me uitdaagt om woord bij daad te voegen. En omdat vrouwelijke spiritualiteit niet kleiner, zachter of minder serieus is dan welke andere spirituele weg ook. Misschien vraagt dit pad van vrouwen niet alleen verdieping, maar ook scherpte. Niet alleen openheid, maar ook begrenzing. Niet alleen licht, maar ook de moed om de schaduw onder ogen te zien. Óók binnen spirituele tradities.
Ik geloof niet dat spiritualiteit bedoeld is om ons stil te maken.
Ik geloof dat ze bedoeld is om ons wakker te maken.
Ook – en misschien juist – als vrouw.



