Alleen, maar niet eenzaam
Ik ben bijna 34. En ik ben single. Nog nooit een partner gehad. Dat is geen statement, geen keuze die ik elke dag bewust maak. Het is gewoon een constatering. Zo is het nu. En ja, soms voel ik daar iets bij. Niet altijd. Maar soms wel.
In een wereld waarin het lijkt alsof iedereen rond deze leeftijd een relatie heeft, samenwoont, trouwt of kinderen krijgt, kan ik me soms een buitenstaander voelen. De vragen komen vanzelf. “Heb je niemand?” “Wil je geen kinderen?” Ze zijn meestal liefdevol bedoeld, dat weet ik. Toch schuurt het soms. Mijn antwoord is simpel en eerlijk: nee, ik heb niemand. En misschien wil ik dat ooit, misschien ook niet. Voor nu is dit mijn pad. En dat loopt anders dan de meeste.
Mijn leven heeft nooit de “gebruikelijke route” gevolgd. Terwijl anderen verliefd werden, relaties aangingen en een gezin opbouwden, vond ik mezelf in ashrams, op bergpaden, in stilte, in sadhana. Niet omdat ik wilde vluchten voor het leven, maar juist omdat ik er dieper in wilde zakken. Mijn reis ging naar binnen. Dat was een keuze, en tegelijk voelde het als een noodzaak. Als ik werkelijk wilde begrijpen wie ik ben, als ik mijn Dharma wilde leven, moest ik eerst thuiskomen bij mezelf.
Diep van binnen weet ik: als ik me ooit met iemand verbind, dan moet het écht kloppen. Niet een beetje. Niet half. Niet omdat alleen zijn ongemakkelijk voelt of omdat de maatschappij of sociale norm zegt dat het “nu wel tijd wordt”. Het moet resoneren, op alle lagen. Ik voel die druk soms wel, hoor. Alsof ik tegen de stroom in zwem. Alsof mijn leven pas “af” zou zijn met een partner en kinderen. Maar ik geloof niet dat je compleet wordt door iemand naast je. Je bent compleet door wat je leeft, door de keuzes die je maakt, door hoe je aanwezig bent in je eigen leven.
Dat betekent niet dat het altijd makkelijk is. Er zijn avonden waarop het stil is. Té stil. En dan komen de vragen vanzelf. Hoe zou mijn leven eruit hebben gezien als ik andere keuzes had gemaakt? Als ik een partner had gehad? Kinderen? Soms laat ik die gedachten toe, gewoon uit nieuwsgierigheid. Zonder oordeel. Spiritualiteit betekent niet dat je geen verlangens hebt. Of dat je nooit eenzaamheid voelt. Soms is dat gewoon de schaduwkant van dit pad. En juist daar leer ik misschien wel het meest.
Er zijn momenten dat ik verlang naar nabijheid. Naar iemand die me echt ziet. Niet het beeld, niet het idee, maar wie ik werkelijk ben. En precies daar ligt ook mijn grens. De wens naar diepgang is sterker dan de behoefte om “gewoon iemand” naast me te hebben. Dat is soms confronterend. Het maakt me anders. Maar ik begin te begrijpen dat dat “anders zijn” geen tekort is. Het is mijn kracht. Het is wat me voortbeweegt. Wat me verbindt met anderen die ook buiten de gebaande paden lopen.
Misschien komt er ooit iemand. Misschien ook niet. En eerlijk? Dat voelt niet verdrietig. Het voelt bevrijdend. Want mijn leven is niet minder waardevol omdat ik alleenstaand ben. Mijn leven is vol. Vol van ontmoetingen, van diepe gesprekken, van de mensen die ik mag begeleiden en raken. Vol van Reiki, Yoga, Ayurveda, sadhana, spirituele reizen, van werk dat betekenis heeft, van natuur, stilte en groei. Vol van mijn eigen reis, met alles wat daarbij hoort.
Misschien is dat wel Dharma: het durven lopen van je eigen pad, ook als het niet past in het plaatje dat anderen voor je hebben. Het vraagt moed om een leven te leven dat niet altijd begrepen wordt. Om je waarde niet af te meten aan verwachtingen, maar aan waarheid. En ja, soms zakt die moed me even in de schoenen. Maar telkens weer kom ik terug bij hetzelfde besef: juist in dat anders-zijn ligt een diepe vrijheid.
En wie weet… misschien ontmoet ik ooit iemand die dat net zo diep voelt.
Tot die tijd ben ik genoeg.
Mijn leven is vol. Op mijn eigen, unieke manier.



